Een lantaarnpaal die al weken uit staat, een stoeptegel waar iedereen over struikelt, een omgewaaide boom na een storm of een matras dat naast de container is gedumpt. In Roermond kun je dat allemaal melden, en de gemeente vraagt daar ook nadrukkelijk om, want de mensen die in een straat wonen zien het eerder dan wie dan ook.
Waar je de melding doet
De hoofdroute is het meldingsformulier op de website van de gemeente. Daarnaast is er een app waarmee je vanaf je telefoon meldt, en telefonisch kan het ook via het verkorte nummer. Wat niet meer werkt, zijn een aantal algemene meldapps die vroeger door veel gemeenten werden gebruikt. Roermond verwerkt die niet meer, dus als je zo’n app nog op je telefoon hebt staan, kun je hem weggooien.
Waarover je kunt melden
- Kapot wegdek, losliggende stoeptegels en gaten in het fietspad.
- Kapotte straatverlichting, verkeersborden en paaltjes.
- Zwerfvuil, gedumpt afval en volle containers.
- Omgewaaide of gevaarlijk hangende bomen en overhangend groen.
- Ongedierte en dode dieren.
- Stank-, geluid- of lichtoverlast.
- Vernielingen en graffiti.
Kijk eerst op de meldingenkaart
De gemeente publiceert een kaart met openstaande meldingen. Voordat je iets doorgeeft, is het slim om daar even te kijken, want de kans is groot dat de buurman de kapotte lantaarn al heeft gemeld. Een dubbele melding vertraagt de afhandeling niet, maar het geeft jou wel meteen inzicht in de status. Staat het er niet op, dan meld je het gewoon.
Zo maak je een melding die werkt
Het formulier stelt gerichte vragen, zodat de melding compleet bij de juiste afdeling komt. Help daarbij door concreet te zijn. Geef de exacte locatie, het liefst met een huisnummer of een lantaarnpaalnummer, en voeg een foto toe. Beschrijf niet alleen wat er stuk is maar ook waarom het urgent is, bijvoorbeeld dat er kinderen langs die tegel naar school lopen. Een melding met een foto en een adres wordt sneller opgepakt dan een melding waarin staat dat er ergens in de wijk iets ligt.
Wat er daarna gebeurt
De melding gaat naar het team dat erover gaat. Kleine dingen zoals een tegel of een lamp worden vaak binnen enkele werkdagen opgepakt. Grotere zaken, zoals een stuk asfalt of een boom die moet worden gekapt, gaan mee in een planning en duren langer. Je krijgt bericht over de afhandeling. Blijft het lang stil, dan kun je opnieuw contact opnemen met het meldingsnummer erbij.
Wat je beter ergens anders meldt
Niet alles is van de gemeente. Een storing aan een straatkolk of een rioolverstopping op eigen terrein is voor jou of je verhuurder. Overlast van personen, hangjongeren die de nacht verstoren of vermoedens van criminaliteit horen bij de politie, en in spoedgevallen bel je uiteraard het alarmnummer. Milieuoverlast door bedrijven, zoals geur of geluid van een bedrijventerrein, loopt via een apart spoor en soms via de provincie. Kun je het niet plaatsen, meld het dan gewoon bij de gemeente, dan wordt het doorgezet.
De wijk-boa en de wijkagent
Roermond werkt met wijk-boa’s die aan een vast gebied zijn gekoppeld, van het centrum en de Hatenboer tot de Donderberg, Herten, Swalmen en het Roermondse Veld. Zij werken samen met de politie, de woningcorporaties, de wijkraden en het jongerenwerk. Voor structurele overlast in je straat, waar een enkele melding niet genoeg voor is, is de wijk-boa het aanspreekpunt. Ook de wijkagent van jouw buurt is via de politie op te zoeken.
Zelf iets doen
Er zijn in de gemeente buurten waar bewoners zelf met een grijper en een zak op pad gaan om zwerfafval op te ruimen. De gemeente ondersteunt zulke initiatieven met materiaal en met het ophalen van de volle zakken. Wie met een paar buren zoiets wil starten, kan daarvoor terecht bij de gemeente. Het effect is groter dan mensen denken, want een straat die schoon is, blijft langer schoon.


