Roermond ligt op een kruispunt van landschappen. Naar het westen het water van de Maas en de plassen, naar het oosten de bossen en de heide richting de Duitse grens, naar het zuiden het dal van de Roer en naar het noorden de Swalm en de bossen bij Swalmen. Dat betekent dat je vanuit vrijwel elke wijk binnen een kwartier fietsend buiten de stad bent, in vier totaal verschillende richtingen.
Het knooppuntennetwerk
Limburg is dicht bezaaid met fietsknooppunten, en dat systeem loopt gewoon door over de Duitse en Belgische grens. Je zoekt je route thuis uit met de nummers en je hoeft onderweg alleen nog het volgende bordje te vinden. Voor wie hier nieuw is, is dat de makkelijkste manier om te ontdekken wat waar ligt. Papieren kaarten zijn bij de toeristische informatiebalie in de stad te krijgen.
Rondje Maasplassen
De klassieker. Vanaf de stad naar het westen, langs de Hatenboer en De Weerd, over de dijken en langs de jachthavens, met de plassen aan beide kanten. In het zomerseizoen vaart er tussen de marina bij Oolderhuuske en het dorp Ool een klein fiets- en voetveer, en daarmee sluit je het rondje zonder een grote omweg over een brug. Vlak, geschikt voor kinderen en met terrassen aan het water op meerdere punten.
Door het Roerdal
Naar het zuidoosten volg je de Roer stroomopwaarts. Het dal is smal, groen en verrassend geaccidenteerd, met Natuurpark Hattem bij het kasteeltje net buiten de stad als eerste stop. Verderop kom je langs Melick, Sint Odiliƫnberg en Herkenbosch, met de kerken en dorpsgezichten van de Roerstreek. Deze route heeft hoogteverschillen, dus reken op meer inspanning dan de dijken langs de Maas.
Naar de Meinweg
Ten oosten van de stad ligt Nationaal Park De Meinweg. Vanuit het centrum ben je er in ongeveer een half uur. Het park zelf is een terrassenlandschap met echte hellingen, en de fietspaden lopen door bos en langs heide. Bij het bezoekerscentrum kun je pauzeren. Wie doorfietst komt vanzelf in Duitsland terecht, want het park grenst er aan drie kanten aan.
Richting Swalmen en Asselt
Naar het noorden fiets je langs de Maas richting Swalmen. Onderweg ligt Asselt, een gehucht met een elfde-eeuws kerkje dat op een landtong aan de Maas staat. Een kerk op een heuvel aan een rivier is in Nederland een zeldzaamheid en het is een van de mooiste plekjes van de gemeente. Verder naar het oosten liggen de bossen bij Boukoul en het dal van de Swalm.
Over de grens
- Richting het oosten naar het Duitse grensgebied, met bossen en stille dorpen.
- Naar het noorden langs de Maas richting Venlo, grotendeels over dijken.
- Naar het zuidwesten via de plassen richting Thorn en het Belgische Maasland.
- Naar het zuiden langs de Maas richting Sittard, met veerponten onderweg.
Wat je meeneemt
De routes langs het water zijn vlak, maar in het Roerdal en op de Meinweg zijn de hellingen echt. Wie op een stadsfiets zit, kiest daar bewust voor of neemt de vlakke variant. Neem water mee, want tussen de dorpen zit soms tien kilometer zonder voorziening, en houd er rekening mee dat horeca in de kleine kernen doordeweeks gesloten kan zijn.
Met de trein en de fiets
Station Roermond ligt aan de singelring en er stoppen zowel intercity’s als stoptreinen. Dat maakt eenrichtingsritten makkelijk. Fiets in de ene richting en neem de trein terug, of andersom. Voor een lange rit langs de Maas naar het noorden of het zuiden is dat de aangenaamste manier om het te doen, want dan hoef je niet dezelfde route twee keer.
In de stad zelf
Roermond is een fietsstad, met een compacte binnenstad en korte afstanden tussen de wijken. Er zijn bewaakte stallingen in het centrum, onder meer bij de Steenen Trappen. Wie hier woont, komt met de fiets vrijwel overal sneller dan met de auto, en dat geldt op een zaterdag in het bijzonder.


