Roermond heeft een geschiedenis die niet in het standaardverhaal van Nederland past. De stad was Hanzestad, hoofdstad van Opper-Gelre, Spaans, Oostenrijks, Frans en zelfs even Belgisch, en pas in 1839 definitief Nederlands. Het Historiehuis aan de Neerstraat vertelt dat verhaal, en de vaste tentoonstelling heet niet voor niets Roermond, stad met een andere geschiedenis.
Waar het zit
Het museum is gevestigd in het gebouw waar ook de bibliotheek zit, aan de Neerstraat midden in het winkelgebied. Dat is een prettige combinatie, want je loopt er zonder omweg langs. Het Historiehuis ontstond toen de collectie van het voormalige Stedelijk Museum Roermond werd verdeeld over drie plekken, waarbij de stadsgeschiedenis hier terechtkwam, het werk en leven van Cuypers in het Cuypershuis en de moderne kunst in de ECI Cultuurfabriek.
Wat je er ziet
Op de begane grond loopt de vaste tentoonstelling van de prehistorie tot nu. In het souterrain zijn wisselende exposities over historische thema’s, van vondsten uit de Maas tot onderwerpen die met een jubileum of een herdenking te maken hebben. De collectie van het museum telt enkele duizenden objecten die allemaal met de stad te maken hebben, en een deel daarvan ligt in het depot bij het Cuypershuis.
De rode draad
- De vroegste bewoning, met een Romeinse offersteen die op bewoning in de derde eeuw wijst.
- De stadsrechten van 1232 en de eerste ommuring.
- Roermond als lid van de Hanze vanaf 1441 en als munthoudende stad vanaf 1472.
- De stadsbranden van 1554 en 1665, die de stad twee keer grotendeels in de as legden.
- De bisschopszetel vanaf 1559 en het kerkelijke karakter van de stad.
- De negentiende eeuw, met de spoorlijn, de Maasbrug en de industrialisatie.
- De frontlinie in de winter van 1944 op 1945 en de wederopbouw daarna.
Wat de stad anders maakt
Het interessante aan de Roermondse geschiedenis is dat ze steeds vanaf de andere kant is geschreven dan die van Holland. Roermond hoorde bij Gelre en keek naar het oosten, deed niet mee aan de Nederlandse Opstand en was eeuwenlang katholiek gebleven terwijl het noorden protestant werd. Wie in het museum die lijn volgt, snapt daarna beter waarom de stad eruitziet zoals ze eruitziet, waarom er zo veel kloosters waren en waarom de banden met het Rijnland tot vandaag voelbaar zijn.
De twintigste eeuw
Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog lag Roermond maanden in de frontlinie. De bevolking werd geƫvacueerd, de stad werd beschoten en de toren van de kathedraal werd opgeblazen. Na de oorlog had ongeveer negentig procent van de bebouwing schade. Dat verklaart waarom er in het centrum zo veel wederopbouwarchitectuur tussen de oude gevels staat. Later kwamen de grote uitbreidingen, de fabrieken, de haven en de wijken die de stad haar huidige vorm gaven.
De aardbeving van 1992
Op 13 april 1992 werd Nederland in de vroege ochtend opgeschrikt door de zwaarste aardbeving die ooit in het land is gemeten, met het epicentrum vlak bij Roermond. In het gebied tussen Roermond, Maaseik en Heinsberg was de schade aanzienlijk, met scheuren in gebouwen, oeververzakkingen en zandfonteinen in het landschap. Voor de generatie die het meemaakte is het een ijkpunt, en het is een van de onderwerpen die in de stadsgeschiedenis niet ontbreken.
Met kinderen en met scholen
Het museum werkt met scholen uit de regio en heeft materiaal voor kinderen. Voor een gezin is het formaat prettig, want je bent er niet een halve dag zoet en de binnenstad ligt om de hoek. Combineer het met een wandeling langs de dingen die je net hebt gezien, dus de Markt, de kathedraal, de resten van de stadsmuur en de Roerkade. Dan wordt het verhaal ineens tastbaar.
Praktisch
Het Historiehuis ligt in het autoluwe deel van het centrum, dus kom lopend, met de fiets of vanaf een van de parkeergarages. Vraag bij binnenkomst welke tijdelijke tentoonstelling er loopt, want die wisselt regelmatig en is vaak het meest verrassende deel van het bezoek.


