Koffie is in Limburg geen tussendoortje maar een sociaal ritueel, en dat merk je in Roermond. Er wordt hier langer bij een kop koffie gezeten dan in de rest van het land, en er hoort iets bij. Vlaai, meestal, en dan zonder dat daar een aanleiding voor hoeft te zijn.
Waar je zit
- Het Munsterplein, zonnig tot in de namiddag en met de romaanse kerk als uitzicht.
- De Markt, druk en levendig, met het stadhuis en op zaterdag de markt.
- De Roerkade, aan het water, rustig overdag en druk in de avond.
- De zijstraten rond de Neerstraat, waar de kleinere koffiebars zitten.
- Het Stationsplein, praktisch als je op een trein wacht.
Koffie met vlaai
De vaste combinatie in deze streek is koffie met een punt vlaai. Dat is geen toeristendingetje maar de standaard bij een visite, een verjaardag en een middag in de stad. Bij een goede zaak vraag je welke vlaai er die dag vers is, want dat wisselt met het fruit van het seizoen. Rijstevlaai, kersen, abrikozen en kruimel zijn de klassiekers.
Het branderijverleden
Roermond was in de negentiende en twintigste eeuw een industriestad, en daar hoorde ook voedselindustrie bij. Er was onder meer een koffiebranderij in de stad, naast een meelfabriek, een mouterij en een stroopfabriek. Van die bedrijven is het meeste verdwenen, maar de gebouwen staan hier en daar nog en zijn herbestemd. Het is een van de dingen die opvallen als je door de stad loopt en de gevels leest.
Specialty en gewoon
Zoals overal is er ook in Roermond onderscheid tussen zaken die koffie als product serieus nemen en zaken waar de koffie er gewoon bij hoort. Bij de eerste categorie kun je vragen waar de bonen vandaan komen en op welke manier ze zijn gebrand, en wordt er met verse melk en met aandacht gewerkt. Bij de tweede zit je vaak op de mooiste plek. Beide hebben hun moment.
Op een doordeweekse ochtend
De beste versie van de Roermondse binnenstad zie je op een doordeweekse ochtend. De terrassen zijn dan nog rustig, er wordt geleverd bij de zaken, de beiaard van het stadhuis klinkt boven een bijna leeg plein en de gevels zijn zoals ze bedoeld waren. Wie de stad alleen op zaterdag kent, mist dat volledig.
Met een boek of met een laptop
Niet elke zaak zit te wachten op iemand die twee uur aan een tafel zit met een laptop, en dat is in een kleine binnenstad met beperkte tafels begrijpelijk. Kijk of het druk is, bestel iets bij en vraag het gerust. In de bibliotheek in het centrum, die in hetzelfde gebouw zit als het stadsmuseum, kun je zonder gedoe lang zitten, en dat is voor werken of lezen vaak de betere optie.
Buiten het centrum
In de dorpen van de gemeente, in Swalmen, Herten, Asenray en Boukoul, zitten cafés die op vaste klanten uit de buurt draaien. Daar drink je koffie tussen mensen die elkaar kennen, met makkelijker parkeren en zonder de drukte van het centrum. Voor een zondagmiddag met de fiets is dat vaak aangenamer dan de binnenstad. Aan de Maasplassen zitten daarnaast paviljoens met terrassen aan het water.
Koffie in de dorpen
Er is een verschil tussen koffie drinken in het centrum en koffie drinken in een dorpscafé in Swalmen, Herten of Asenray. In het centrum betaal je voor het uitzicht en zit je tussen bezoekers, in een dorpscafé zit je tussen mensen die elkaar bij naam kennen en die het gesprek gewoon doorzetten als jij binnenkomt. Voor wie in de gemeente woont en de streek wil leren kennen, is dat tweede het waardevolst.
Een tip voor bezoekers
Wie een middag in Roermond doorbrengt, doet er goed aan de koffiepauze bewust te plannen. Neem er de tijd voor op het Munsterplein, met een punt vlaai erbij, en kijk om je heen. Een romaanse kerk uit de dertiende eeuw, een achttiende-eeuwse pomp, een muziekkiosk en de gotische kathedraaltoren die boven de daken uitkomt. Voor de prijs van twee koffie is dat een uitstekend uitzicht.


