Wie vanaf het station van Roermond de tunnel onder het spoor door loopt, komt in het Roermondse Veld terecht. Samen met Vrijveld vormt het de wijk Roermond Oost, en het is een van de oudste uitbreidingen van de stad buiten de historische kern.
Hoe de wijk ontstond
Het Roermondse Veld werd vanaf de jaren na 1914 ontwikkeld, ten oosten van het station. Lang was het spoor een echte barrière tussen het centrum en de oostkant van de stad. Dat veranderde toen in 1956 de tunnel onder het spoor gereed kwam, waarmee de binnenstad en de nieuwe oostelijke wijken op elkaar werden aangesloten. Dat was voor de naoorlogse ontwikkeling van Roermond een sleutelmoment, want daarna konden de Kemp en later de Donderberg volgen.
Het woningaanbod
Je vindt er vooroorlogse arbeiderswoningen, naoorlogse rijtjes en appartementen, met daartussen nieuwbouw en vernieuwde blokken. Het is een wijk met relatief betaalbare woningen en met een flink aandeel huur, zowel via corporaties als particulier. Voor starters is dit een van de wijken waar de instap in Roermond het meest realistisch is.
Wat je in de buurt hebt
- Het station op loopafstand, met intercityverbindingen naar het noorden en het zuiden.
- De binnenstad in ongeveer tien minuten lopen door de tunnel.
- Buurtwinkels en supermarkten in de wijk zelf.
- Basisscholen en kinderopvang binnen de wijk.
- Groen langs de randen en verbindingen richting het oosten.
Parkeren
Het Roermondse Veld en Vrijveld vormen samen parkeergebied E, ook wel de Spoorzone Oost. Daar geldt betaald parkeren, met een lager tarief dan in de binnenstad en met een eigen regeling voor bewoners. Een bewonersvergunning in dit gebied kost per kalenderjaar en is daarmee anders geregeld dan de maandvergunningen in de kern. Ook voor bezoek geldt hier een eigen aantal parkeerminuten per jaar. Wie hier gaat wonen, regelt dat als eerste, want de handhaving werkt met kentekenscanners.
De wijk in beweging
De ligging pal naast het station maakt deze kant van Roermond interessant voor stedelijke vernieuwing, en er wordt al jaren nagedacht over de herinrichting van het stationsgebied. Voor bewoners betekent dat afwisselend hinder en verbetering. Wie hier koopt, doet er goed aan te kijken wat er in het omgevingsplan voor de directe omgeving is opgenomen, want dat bepaalt wat er de komende jaren kan veranderen.
De sfeer
Dit zijn wijken waar mensen elkaar kennen en waar het verenigingsleven leeft. Er is een eigen vastelaovesvereniging, er zijn buurtactiviteiten en er is een wijk-boa die aan het gebied is gekoppeld. Zoals in veel naoorlogse wijken zijn er straten waar het prettig woont en straten waar meer speelt, en dat verschil merk je van straat tot straat meer dan van wijk tot wijk. Een avond langslopen zegt meer dan welke statistiek ook.
Voor wie het past
Deze wijken werken goed voor mensen die met de trein reizen, voor starters die betaalbaar willen kopen of huren en voor gezinnen die de binnenstad dichtbij willen zonder er middenin te wonen. Wie een grote tuin en veel rust zoekt, kijkt eerder naar Herten, Swalmen of Asenray. En wie de auto voor de deur wil zonder vergunning, moet weten dat dat hier niet vanzelfsprekend is.
Wat je vooraf checkt
Vraag naar de energiekwaliteit van de woning, want in vooroorlogse en vroeg naoorlogse bouw scheelt dat veel. Kijk of het pand aan het onderhoud toe is, en bij een appartement naar de Vereniging van Eigenaren. Loop de route naar het station en naar de school die je op het oog hebt een keer echt, en kijk hoe de straat er op een doordeweekse avond bij ligt. Dat zijn de drie dingen waar je na een jaar nog blij mee bent dat je ze hebt gedaan.


